Ja, vogels hebben smaakpapillen.
Hoewel hun smaakzin minder uitgebreid is ontwikkeld dan die van mensen en veel zoogdieren, beschikken vogels wel degelijk over smaakpapillen. Het aantal varieert per soort en ligt gemiddeld rond de 50 tot 500, terwijl mensen er ongeveer 9.000 hebben. Toch kunnen vogels verschillende basissmaken, zoals zoet, zuur, bitter en zout, onderscheiden. Dit helpt hen bij het selecteren van geschikt voedsel en bij het vermijden van voedingsmiddelen die ongeschikt zijn, zoals bedorven voedsel of onrijpe vruchten.
Ik kweek als hobby peperplanten en dit was mij al bekend in het geval van pepervruchten. Vogels, waaronder Papegaaiachtigen [Psittaciformes], eten deze vruchten vaak zonder problemen. Daarmee spelen zij een belangrijke rol in de verspreiding van zaden.
Via hun ontlasting kunnen de zaden soms tientallen kilometers verderop terechtkomen, soms zelfs meer dan 50 kilometer. Dit is een fascinerend voorbeeld van natuurlijke zaadverspreiding.
Wat bijzonder is aan vogels, is dat zij de scherpte van pepers niet ervaren zoals zoogdieren dat doen. De werkzame stof in pepers, capsaïcine, activeert bij mensen en andere zoogdieren de TRPV1-receptor (Transient Receptor Potential Vanilloid 1), waardoor een branderig en pijnlijk gevoel ontstaat. Vogels hebben echter een andere structuur van deze receptor, waardoor capsaïcine nauwelijks of geen pijnsignaal veroorzaakt. Hierdoor kunnen zij zonder problemen zeer hete pepervruchten eten.
Hoewel hun smaakzin minder uitgebreid is ontwikkeld dan die van mensen en veel zoogdieren, beschikken vogels wel degelijk over smaakpapillen. Het aantal varieert per soort en ligt gemiddeld rond de 50 tot 500, terwijl mensen er ongeveer 9.000 hebben. Toch kunnen vogels verschillende basissmaken, zoals zoet, zuur, bitter en zout, onderscheiden. Dit helpt hen bij het selecteren van geschikt voedsel en bij het vermijden van voedingsmiddelen die ongeschikt zijn, zoals bedorven voedsel of onrijpe vruchten.
Ik kweek als hobby peperplanten en dit was mij al bekend in het geval van pepervruchten. Vogels, waaronder Papegaaiachtigen [Psittaciformes], eten deze vruchten vaak zonder problemen. Daarmee spelen zij een belangrijke rol in de verspreiding van zaden.
Via hun ontlasting kunnen de zaden soms tientallen kilometers verderop terechtkomen, soms zelfs meer dan 50 kilometer. Dit is een fascinerend voorbeeld van natuurlijke zaadverspreiding.
Wat bijzonder is aan vogels, is dat zij de scherpte van pepers niet ervaren zoals zoogdieren dat doen. De werkzame stof in pepers, capsaïcine, activeert bij mensen en andere zoogdieren de TRPV1-receptor (Transient Receptor Potential Vanilloid 1), waardoor een branderig en pijnlijk gevoel ontstaat. Vogels hebben echter een andere structuur van deze receptor, waardoor capsaïcine nauwelijks of geen pijnsignaal veroorzaakt. Hierdoor kunnen zij zonder problemen zeer hete pepervruchten eten.
Reacties
Er zijn nog geen reacties geplaatst.
Laat een reactie achter
Je moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.