Hoewel bosbranden deze zomer de krantenkoppen domineerden, zijn de gevolgen van extreme hitte en droogte ook op veel kleinere schaal zichtbaar: verdroogde gazons, verwelkende en bruin wordende bomen en drooggevallen sloten en moerassen. Deze veranderingen lijken misschien tijdelijk, maar voor de fauna kunnen ze gevolgen hebben die veel langer aanhouden, zelfs nadat de regen is teruggekeerd.
In sommige delen van de wereld hebben soorten zich aangepast aan extreme hitte en droogte. In Groot-Brittannië, met zijn geschiedenis van koude winters, koele zomers en overvloedige regenval, was er veel minder druk om dergelijke aanpassingen te ontwikkelen. Wanneer extreem weer toeslaat, kunnen de Britse flora en fauna daar dan ook behoorlijk onder lijden.
Voor sommige planten is het relatief eenvoudig om met droogte om te gaan. Een strokleurig gazon ontstaat doordat het gras, zodra de groei stopt, door de zon verbleekt. Het gras lijkt dan dood, maar onder de grond kunnen de wortels nog in leven zijn. Zodra er weer voldoende regen valt, kan het gras opnieuw gaan groeien.
Mossen en levermossen zijn nog veerkrachtiger. Zodra ze uitdrogen, kunnen ze in een soort rusttoestand raken. Ook veenmos, dat belangrijk is voor het vasthouden van water in veengebieden, kan zich herstellen wanneer de droogte niet te lang aanhoudt.
Leven met weinig water
De grootste gevolgen zijn waarschijnlijk merkbaar bij dieren die afhankelijk zijn van natte gebieden. Veel ongewervelde dieren hebben bijvoorbeeld moerassen, poelen en sloten nodig om hun levenscyclus te kunnen voltooien. Een tijdelijk tekort aan water kan daardoor al grote gevolgen hebben.
Ook bomen hebben voortdurend water nodig. Een volwassen eik kan per dag honderden liters water verbruiken. Wanneer de wortels niet genoeg water kunnen opnemen, heeft de boom steeds meer moeite om het water naar de bladeren en takken te transporteren.
Bij langdurige droogte kunnen bomen daarom bladeren laten vallen. Dat lijkt misschien vreemd, want juist bladeren zijn belangrijk voor de groei. Toch kan het laten vallen van bladeren een overlevingsstrategie zijn: met minder bladeren verliest een boom minder water door verdamping.
Voor de boom zelf kan langdurige droogte echter wel schadelijk zijn. Een verzwakte boom is gevoeliger voor ziekten, schimmels en insecten. Bovendien zijn de gevolgen soms pas veel later zichtbaar. Een boom kan een droge zomer overleven, maar daardoor in het volgende jaar alsnog verzwakt zijn.
Ook vissen en andere waterdieren hebben last van warm en droog weer. Warm water bevat namelijk minder opgeloste zuurstof dan koud water. Daardoor kan het zuurstofgehalte in sloten, vijvers en kanalen sterk dalen.
Tijdens de warmste dagen zag ik bij mij in de buurt veel kleine vissen dicht bij waterplanten zwemmen. Het leek erop dat ze plekken opzochten waar nog wat meer zuurstof aanwezig was. Op onbeschutte plaatsen kwamen sommige vissen zelfs naar het wateroppervlak om daar letterlijk naar adem te happen.
Vogels en zoogdieren hebben bij warm weer eveneens extra behoefte aan water. Ze moeten hun lichaamstemperatuur op peil houden en verliezen daarbij vocht. Zoogdieren kunnen onder andere water verliezen door te zweten of te hijgen. Vogels koelen zichzelf vooral door te hijgen en door hun keelgebied snel te laten bewegen, waardoor verdamping ontstaat.
Je kunt vogels op warme dagen dan ook regelmatig in de schaduw zien zitten, soms terwijl ze hun vleugels iets van hun lichaam af houden. Dat zijn duidelijke tekenen dat ze proberen hun lichaamstemperatuur onder controle te houden.
Warm weer kan voor vliegende insecten juist gunstig zijn. Bij koud of nat weer zijn ze minder actief en kunnen ze minder goed vliegen, waardoor ze ook minder mogelijkheden hebben om voedsel te zoeken of zich voort te planten.
Toch betekent een groot aantal vlinders in de lucht niet automatisch dat ze een goed jaar hebben.
Wanneer droogte de voedselketen verstoort
Vlinders zijn tijdens verschillende levensfasen afhankelijk van specifieke planten. Volwassen vlinders kunnen nectar uit allerlei bloemen halen, maar hun rupsen zijn vaak veel kieskeuriger. Sommige soorten gebruiken slechts één of enkele specifieke planten als waardplant.
Wanneer zo'n waardplant door de droogte verdort, kan dat direct gevolgen hebben voor de rupsen. Er is dan simpelweg minder voedsel beschikbaar.
Een voorbeeld hiervan is het Vals bruin blauwtje [Aricia artaxerxes]. Deze vlinder legt in juni en juli haar eieren op de gewone rotsroos, een plant die onder andere voorkomt op kalksteenbodems in Noord-Engeland.
Wanneer deze planten in een droge periode sterk verdrogen, hebben de rupsen later in het seizoen veel minder voedsel beschikbaar. Dat kan betekenen dat een deel van de rupsen niet volwassen wordt.
Het bijzondere is dat je de gevolgen daarvan niet altijd meteen ziet. Misschien vliegen er in de zomer nog volop volwassen vlinders rond, terwijl de volgende generatie al problemen heeft. Pas het jaar daarna kan blijken dat er aanzienlijk minder volwassen vlinders zijn.
Daarmee kan een extreem droge zomer dus gevolgen hebben die nog lang nawerken.
Deze verstoring van de nauwe relatie tussen planten en ongewervelde dieren kan vooral voor zeldzame en sterk gespecialiseerde soorten grote gevolgen hebben. En daarmee stopt het niet. In de natuur hangt alles met elkaar samen.
Minder rupsen en vlinders betekent bijvoorbeeld minder voedsel voor zangvogels, spinnen en kikkers. Wanneer een bepaalde voedselbron sterk afneemt, kan dat dus ook gevolgen hebben voor andere dieren hoger in de voedselketen.
Een beetje hulp voor de natuur
Gelukkig kunnen we zelf ook iets doen om dieren tijdens warme en droge periodes te helpen.
Een ondiepe waterbak biedt vogels een plek om te drinken en te baden. Het water moet uiteraard regelmatig worden ververst, zodat het schoon blijft.
Ook kunnen we bepaalde planten in de tuin gewoon laten staan. Planten die we normaal gesproken als onkruid beschouwen, zoals Grijs kattenkruid [Nepeta ×faassenii] kunnen voor insecten juist een belangrijke bron van nectar en stuifmeel zijn.
Daarnaast kan het helpen om niet ieder stukje tuin volledig kort te maaien. Door delen van het gras wat langer te laten groeien, ontstaat meer beschutting en blijven er meer bloemen beschikbaar voor insecten.
Een wat wildere tuin is dus niet alleen goed voor de natuur, maar kan tijdens een warme zomer ook prettiger zijn voor onszelf.
Een droge zomer lijkt misschien voorbij zodra de eerste regen valt. Voor de natuur kan het verhaal echter nog lang niet afgelopen zijn. Sommige gevolgen van extreme droogte worden misschien pas volgend jaar zichtbaar.
foto: © Halvard Hatlen
Reacties
Er zijn nog geen reacties geplaatst.
Laat een reactie achter
Je moet ingelogd zijn om een reactie te kunnen plaatsen.